Thursday, April 17, 2014

NASA's Kepler Telescope Discovers First Earth-Size Planet in 'Habitable Zone'

Using NASA's Kepler Space Telescope, astronomers have discovered the first Earth-size planet orbiting a star in the "habitable zone" -- the range of distance from a star where liquid water might pool on the surface of an orbiting planet. The discovery of Kepler-186f confirms that planets the sizes of Earth exist in the habitable zone of stars other than our sun.

While planets have previously been found in the habitable zone, they are all at least 40 percent larger in size than Earth and understanding their makeup is challenging. Kepler-186f is more reminiscent of Earth.

"The discovery of Kepler-186f is a significant step toward finding worlds like our planet Earth," said Paul Hertz, NASA's Astrophysics Division director at the agency's headquarters in Washington. "Future NASA missions, like the Transiting Exoplanet Survey Satellite and the James Webb Space Telescope, will discover the nearest rocky exoplanets and determine their composition and atmospheric conditions, continuing humankind's quest to find truly Earth-like worlds."

Although the size of Kepler-186f is known, its mass and composition are not. Previous research, however, suggests that a planet the size of Kepler-186f is likely to be rocky.
"We know of just one planet where life exists -- Earth. When we search for life outside our solar system we focus on finding planets with characteristics that mimic that of Earth," said Elisa Quintana, research scientist at the SETI Institute at NASA's Ames Research Center in Moffett Field, Calif., and lead author of the paper published today in the journal Science. "Finding a habitable zone planet comparable to Earth in size is a major step forward."

Kepler-186f resides in the Kepler-186 system, about 500 light-years from Earth in the constellation Cygnus. The system is also home to four companion planets, which orbit a star half the size and mass of our sun. The star is classified as an M dwarf, or red dwarf, a class of stars that makes up 70 percent of the stars in the Milky Way galaxy.

"M dwarfs are the most numerous stars," said Quintana. "The first signs of other life in the galaxy may well come from planets orbiting an M dwarf."
Kepler-186f orbits its star once every 130-days and receives one-third the energy from its star that Earth gets from the sun, placing it nearer the outer edge of the habitable zone. On the surface of Kepler-186f, the brightness of its star at high noon is only as bright as our sun appears to us about an hour before sunset.
"Being in the habitable zone does not mean we know this planet is habitable. The temperature on the planet is strongly dependent on what kind of atmosphere the planet has," said Thomas Barclay, research scientist at the Bay Area Environmental Research Institute at Ames, and co-author of the paper. "Kepler-186f can be thought of as an Earth-cousin rather than an Earth-twin. It has many properties that resemble Earth."

The four companion planets, Kepler-186b, Kepler-186c, Kepler-186d, and Kepler-186e, whiz around their sun every four, seven, 13, and 22 days, respectively, making them too hot for life as we know it. These four inner planets all measure less than 1.5 times the size of Earth.

The next steps in the search for distant life include looking for true Earth-twins -- Earth-size planets orbiting within the habitable zone of a sun-like star -- and measuring the their chemical compositions. The Kepler Space Telescope, which simultaneously and continuously measured the brightness of more than 150,000 stars, is NASA's first mission capable of detecting Earth-size planets around stars like our sun.

Ames is responsible for Kepler's ground system development, mission operations, and science data analysis. NASA's Jet Propulsion Laboratory in Pasadena, Calif., managed Kepler mission development. Ball Aerospace & Technologies Corp. in Boulder, Colo., developed the Kepler flight system and supports mission operations with the Laboratory for Atmospheric and Space Physics at the University of Colorado in Boulder. The Space Telescope Science Institute in Baltimore archives, hosts and distributes Kepler science data. Kepler is NASA's 10th Discovery Mission and was funded by the agency's Science Mission Directorate.

The SETI Institute is a private, nonprofit organization dedicated to scientific research, education and public outreach. The mission of the SETI Institute is to explore, understand and explain the origin, nature and prevalence of life in the universe.

Source: NASA, SETI.I

For more information about the Kepler mission, visit:
http://www.nasa.gov/kepler

Thursday, April 3, 2014

"Ceterum censeo Carthaginem esse delendam" (Bovendien sta ik er op dat Carthago verwoest moet worden). Cato de Oudere (234-149 BC)



Ik blijf erbij dat Carthago al verwoest is. Op de kaart van de Sahara Kabir, wat overigens gewoon Grote Woestijn betekend, staat aangegeven dat het nu een voorstad is van Tunis. Maar wat is er werkelijk gebeurt in Carthago.

De afdeling List en Bedrog verteld dat de stad werd gesticht door de uit Tyrus gevluchte prinses Dido. De legende verteld verder dat de prinses door de Numidische koning Hiarbas werd verwelkomd. Zij vroeg hem om slechts zoveel land als ze met een enkele ossenhuid kon omgeven. Dido sneed van de huid een lange smalle reep, waarmee ze een hele heuvel afbakende. Op deze heuvel, Byrsa genaamd, bouwde ze een citadel, een fort-stad dus, Carthago.

Na twee Punische oorlogen besloot Hanibal Barkas, geen familie of voorvader van de heer Lector, leraar, de Romeinen een lasje te leren. Dat lukte in het begin best aardig, zelfs zonder de medewerking van kleine Franse dorpjes, totdat de Romeinen het lesje echt leren en Hanibal afsnijden van zijn toevoerlijnen. En dan zijn 20, of 37 olifanten een pobleem, zonder eten zijn het best gevaarlijke dieren.
Hannibal wordt in 202 v.Chr. beslissend verslagen in de Slag bij Zama Regia. In 149 voor Chr. begint het gedonder opnieuw met de derde Punische oorlog. Na een makkelijke overwinning gaat men akkoord met een overgave. De Romeinse eisen zijn in het begin nogal schappelijk, totdat men de stad vernitigd wil zien. Dat weigeren de Carthagers en ze besluiten te vechten voor hun geliefde stad. Scipio begint met de belegering van Carthago, dat heldhaftig verdedigd wordt door 50.000 soldaten onder leiding van generaal Hasdrubal. De Romeinen blokkeren de haven van Carthago om de stad uit te hongeren.

Toch houden de Carthagers het nog vier jaar vol, maar dan is het ook echt einde verhaal. Ongeveer 250 000 tot 300 000 mensen worden omgebracht. De bewoners worden systematisch gedood door Romeinse soldaten. De overlevenden, beslist de mooiste vrouwen en een paar jonge manen, worden verkocht en in beslag genomen en moeten verder doen wat er gezegd wordt als slaven en slavinnen. Het verhaal van het zout, dat uitgestrooid is om het land onvruchtbaar te maken moet naar het rijk der fabelen verwezen worden, zout is in die tijd gewoon te duur voor zulke grapjes.

Aanvankelijk mag er niemand meer op de ruïnes van Carthago huizen bouwen, maar in 122 v.Chr. sticht Gaius Sempronius Gracchus in Carthago de nederzetting Colonia Junonia. Het project is echter geen lang leven beschoren vanwege tegenwerking van Gracchus' politieke tegenstanders in de senaat. In de 1e eeuw v.Chr. besluit Julius Caesar in Carthago een nieuwe stad te stichten, maar in 44 v.Chr. wordt hij vermoord voordat er een stad stond. Zijn geadopteerde zoon, keizer Augustus, laat na Caesars dood een nieuwe stad aanleggen die ook weer de naam Carthago krijgt en al snel weer van flinke betekenis is, mede doordat zich weer veel 'Puniërs' vestigen op de plek van hun voorouders. In de loop van de 1e eeuw n.Chr. groeit de stad zelfs uit tot de tweede stad in de westelijke helft van het Romeinse Rijk met ongeveer 500.000 inwoners.

In de 5e eeuw wordt Noord-Afrika bezet door de Vandalen: koning Geiserik neemt in 439 Carthago in en maakt het de hoofdstad van zijn rijk. Van hieruit verovert het Vandaalse rijk binnen enkele jaren Sicilië, Sardinië, Corsica en de Balearen. In 455 plunderen de Vandaalse 'Carthagers' zelfs Rome, iets wat de Punische Carthagers nooit gelukt is. Oost-Romeinse strafexpedities om hen te verslaan halen niets uit en bijna een eeuw lang blijven de Vandalen een belangrijke macht in het Middellandse Zeegebied. Uiteindelijk weet de Byzantijnse generaal Belisarius in 533 Carthago in te nemen, waarmee het Vandaalse rijk ophoudt te bestaan. De Punische taal blijft ondertussen, naast het officiële Latijn, van betekenis als de volkstaal tot de verovering van Carthago door de Arabieren in de 7e eeuw.

Hierna neemt de betekenis van Carthago snel af omdat de Arabieren niet veel behoefte hebben aan havensteden. Hun handel gaat als vanouds over land via karavaanroutes. Het kleine landinwaarts gelegen plaatsje Kairouan wordt een belangrijke pleisterplaats voor de Arabische karavaans die door Noord-Afrika trekken en veel Carthaagse handelaars vestigden zich hier. Lange tijd is Kairouan zelfs de hoofdstad van het machtige islamitische rijk van de Aghlabiden. Later wordt vlakbij Carthago de stad Tunis gesticht, wat gedurende deMiddeleeuwen het bruisende middelpunt is van het rijk van de Hafsiden; het inmiddels bijna verlaten Carthago wordt als steengroeve gebruikt voor de uitbreiding van Tunis waardoor er na een paar eeuwen niet veel meer over blijft van de ruïnes.

De manier waarop de Arabieren handel drijven is heel verschillend van de handel met Europeanen. Het vervoer gaat over de weg, havens zijn ineens niet zo belangrijk meer. De oude stad met een zo rijke geschiedenis wordt niet verslagen door keizers, veldheren of generaals maar heel eenvoudig door de weg te verleggen. Wanneer de haven, met zijn prachtige ronde constructie een heel veilige aanmeerplek aan de kust van Noord Afrika, niet meer gebruikt wordt gaat ook het werk dat een haven genereert verloren. Scheepsbouwers zijn ook niet meer nodig en worden ontslagen. Zeilmakers, schippers en matrozen, allemaal werkloos. Zelfs de slavinnen die als hoertjes geld verdienen voor hun bazen, mischien wel afstammelingen van de eerste bewoners, ze zijn ineens veel minder waard, want geld verdienen doen ze niet meer. Van een rijke stad naar een steengroeve in nog geen 3000 jaar.

Het kan raar lopen in de geschiedenisles. Het verhaal van Hannibal die met zijn olifanten, 20 of 37, niemand weet precies hoeveel, het gebergte overstak om de machtige Romeinen in de rug aan te vallen, het spreekt tot de verbeelding. Uiteindelijk op moeten geven en een verschrikkelijke straf moeten ondergaan, de dood en velden met zoute grond, het spreekt je als jonge man allemaal aan.
Ook als later blijkt dat niet de Romeinen maar de Arabieren verantwoordelijk zijn geweest voor het einde van Carthago, dat niet oorlogen of veldslagen beslissen over het lot van de moedige Carthagers, maar eenvoudige economische overwegingen, toch blijft het verhaal ons aanspreken. En een ding is zeker, Carthago als wereldstad bestaat niet meer.

Bronnen: Wikimedia Commons, Gone Native Translations